The Death Railway
De opvolgende dag zijn we per Toyota minibus vertrokken langs de River Kwai. Bijna alle auto’s in dit land komen uit de Toyota fabriek. Hier en daar zie je nog een paar Honda’s, maar veel verder komen ze niet. In ieder geval niks van Europese makelaardij. Tijdens deze tocht maakten we kennis met nog een heel ander gezicht van Thailand. Het toerisme is hier voor veel mensen een enorm belangrijke bron van inkomsten en dit is werkelijk overal in terug te zien. Voor mij direct een groot minpunt van dit land. Het is duidelijk zichtbaar dat hier al jarenlang veel vakantiebezoekers komen en de bevolking weet dit prima uit te buiten.
Een grote toeristische attractie is de drijvende markt ten oosten van Bangkok. Vroeger was dit gewoon een markt zoals wij die in Nederland kennen, maar dan op het water. Je vaart langs met een bootje en ruilt of koopt producten bij de andere gondels. Inmiddels is deze plek voor de lokale bevolking veel te duur en zijn alle traditionele Thaise producten ingeruild voor veelal plastic souvenirs. Wat overblijft is een rivier van misschien wel een kilometer lang met toeristen, terrasjes en honderden bootjes die allemaal de zelfde machinaal geproduceerde souvenirs verkopen. Toch is te zien dat de meeste buitenlandse bezoekers dit prima vinden en zich kostelijk vermaken.
De River Kwai is een enorme rivier, vergelijkbaar met de Colorado River in de Grand Canyon. Het water is een grote massa zandkleurig modder. Je kan erin zwemmen, maar dit is voor toeristen niet aan te raden. Hier en daar zit een krokodilletje, een slang of de zogenaamde ‘piemelvis’. Kleine bacteriën die naar binnen kruipen en je gezondheid niet ten goede komen. Gelukkig bezit bijna elk resort of hotel over een zwembad. Een welkome verfrissing in deze tropische temperaturen.
Deze rivier geniet enige bekendheid van het boek ‘The bridge over the River Kwai’ en de gelijknamige film. Dit verhaal gaat over de Nederlandse, Amerikaanse en Canadese krijgsgevangen van de Japanners in de tweede wereldoorlog. Zij werden gedwongen te werken aan het Japanse plan om een spoorweg te bouwen van Bangkok, via Birma naar India. Al sinds de bouw wordt deze spoorweg de Death Railway genoemd. De rails gaat dwars door bergen, jungles en rivieren en moest in één jaar worden voltooid. Dit was een enorme klus, en heeft aan 120 duizend krijgsgevangenen en lokale bevolking het leven gekost.
In het verleden heb ik mij nooit beseft dat de Tweede Wereldoorlog ook hier zoveel impact heeft gehad. Ik heb altijd wel geweten van de Indonesische guerrilla strijd en de kernbommen, maar ik heb me nooit beseft hoe drastisch de Jappen in Azië hebben huisgehouden. In mijn gedachte was de strijd hier in het oosten ondergeschikt aan wat er in Europa is gebeurt, maar na alles wat ik rond de Death Railway heb gezien blijkt dit heel naïef en volledig onwaar. Volgens het museum dat wij hebben bezocht heeft elke dwarsbalk van deze spoorweg een mensenleven gekost. En als je vervolgens een stukje van de oude rails loopt besef je hoe erg het in die tijd geweest is.
Je wordt er stil van, honderdduizenden mensen hebben hier keihard, 18 uur per dag in de bloedhitte gewerkt. Maar de helft heeft het uiteindelijk overleeft. En de mensen die het wel hebben gehaald leven met een enorm trauma. Als buitenstaander is het denk ik niet te beseffen wat voor invloed zoiets op iemand heeft.